
In februari van 2009 ben ik samen met Taco naar Parijs gelift. Samen met zes andere teams van twee personen hebben we een wedstrijd gehouden wie als eerste in Parijs zou zijn. Hieronder is het verhaal van onze reis te vinden. De reis is ook te volgen via Google Maps. Daarop zijn de locaties van al onze tussenstops te vinden.
Om 8.45 uur komen Taco en ik aan op het station. We hebben allebei een kleine rugzak met wat kleding en eten mee. Verder sjouwen we rond met een whiteboard waarop we telkens onze bestemmingen kunnen schrijven. Van de organisatie krijgen we een strippenkaart en een envelop met wat Franse woordjes en een uitgeprinte kaart van Parijs. De strippenkaart is bedoeld om bij de oprit van de A67 te komen zodat we niet op dezelfde plek starten als de andere teams. In plaats daarvan gaan we naar het Floraplein. Onze geplande route gaat namelijk niet over Antwerpen, maar over Maastricht. Op die manier hopen we de zes andere teams te vermijden zodat we de snelweg voor ons alleen hebben.
De bushalte waar we uitstappen ligt net na de grote rotonde, aan de kant van de snelweg. Het verkeer rijdt hier niet hard en bij de bushalte kan prima gestopt worden. Veel mensen kijken, wijzen en lachen, maar nemen ons niet mee. Het doet ons goed dat we in ieder geval veel mensen een glimlach kunnen bezorgen. Na een minuut of twintig stopt er een vrij dikke auto. Er zit een goed geklede man van een jaar of vijtig in. Hij gaat niet naar Maastricht, maar hij kan ons wel afzetten bij de A2.
Na een kwartiertje worden we afgezet bij een carpoolplaats langs de A2. Als we uitstappen, staat de auto middenop het kruispunt maar de langsrijdende politie lijkt er geen problemen meet te hebben. Na een bakje koffie uit de thermoskan gaat we bij de oprit naar de A2 staan. Er komt hier wat minder verkeer langs dan bij het Floraplein maar binnen een halfuur hebben we onze tweede lift. We stappen in een busje met daarin alleen twee stoelen en een lange versnellingspook. Voorin zitten twee bouwvakkers die naar Heerlen moeten. Bij Geleen moeten ze van de A2 af dus de afrit ervoor worden we op de vluchtstrook afgezet.
Na een sanitaire stop lopen we door naar de oprit van de A2. Op ons whiteboard staan inmiddels Liège (Luik) want in Maastricht hebben we natuurlijk niets te zoeken. Na ruim een halfuur worden we meegenomen door een man in een redelijk dikke auto. Hij moet in Maastricht zijn, maar hij kan ons net voorbij Maastricht op de vluchtstrook afzetten. Hij vertelt ons dat ongeveer een kilometer verder een tankstation ligt waar we waarschijnlijk makkelijk een lift kunnen krijgen. We mogen natuurlijk niet langs de snelweg lopen, maar een kilometer zal niet zoveel kwaad kunnen. We steken een afrit en een oprit over en lopen door de brede berm van de A2. Aan de rechterkant van de berm loopt de spoorlijn naar België. Na 500 meter is er nog geen tankstation te bekennen en omdat de berm steeds smaller wordt, steken we bij station Maastricht Randwyck het spoor over.
Na een tijdje lopen, buigt de snelweg naar links af. Omdat we de snelweg niet kwijt willen raken, steken we het spoor weer over, ditmaal zonder bruggetje. De berm langs de snelweg is nog steeds te smal om in te lopen, dus we banen ons een weg door de drooggevallen sloot. De sloot loopt niet echt lekker en daarom beklimmen we de aarden geluidswal. Ondanks de bomen is de route boven redelijk begaanbaar. Als we bij een hek komen, is er van het tankstation nog steeds geen spoor te bekennen. We laten de snelweg links liggen en nemen de weg die rechts langs het hek loopt. De weg leidt door een groot woonwagenkamp. In het kamp staan veel dure auto's, allemaal met blikschade. Er wordt duidelijk in kapotte auto's gehandeld. Als we aan het einde van het kamp het bordje 'Vinkenslag' zien staan, zijn we blij dat we er veilig doorheen gekomen zijn.
Bij de oprit van de snelweg komt weinig verkeer en de meeste bestuurders lijken niet geneigd om op deze plek te stoppen. Na zeker drie kwartier wachten, krijgen we toch een lift. Een Waals paar had ons op de heenweg naar Maastricht al zien staan. Ze maken ons duidelijk dat het een erg slechte plek is om te gaan liften en wij zijn erg blij met de lift. De bestuurder is erg behulpzaam. Hij moet in Luik zijn, maar hij brengt ons zelfs tot voorbij de rondweg aan de snelweg richting Parijs. Al rijdende zoekt hij met zijn TomTom voor ons de kortste route naar Parijs. Terwijl hij achterstevoren ons de route uitlegt, neemt zijn vrouw het stuur over. Hij onderbreekt zijn uitleg om met links de telefoon aan te nemen terwijl hij met zijn rechterhand bier drinkt. Ondanks de snelheid van 150 km/u heeft zijn vrouw geen problemen om tussen het verkeer door te manoeuvreren.
De parkeerplaats waar we zijn afgezet is erg klein en er komt weinig verkeer. De meeste mensen op de parkeerplaats zijn slapende vrachtwagenchauffeurs. We lopen een stukje terug langs de snelweg zodat iemand die ons wil oppikken de afrit naar de parkeerplaats kan nemen. Het verkeer rijdt wat harder dan de toegestane 90 km/u waardoor de afrit misschien wat lastig te nemen is. Door een bocht in de snelweg zijn we niet zichtbaar als we verder terug gaan staan. Al vrij snel worden we opgepikt door een Waalse vrouw die vindt dat we daar niet veilig staan. Ze moet al vrij snel weer de snelweg af, maar ze kan ons afzetten bij een wegrestaurant vijf kilometer verderop. Daar bestellen we eerst een kop koffie en een kop soep die er allebei erg goed in gaan. Daarna gaan we aan het einde van de parkeerplaats staan op een plek waar iedereen die getankt heeft langskomt.
Voordat we goed en wel staan, stopt er al een auto. Helaas moet hij niet dezelfde kant op. We zien al snel aan de gebaren dat bijna iedereen op het volgende knooppunt afslaat richting Brussel. Ruim een halfuur later spreken we een man aan die aangeeft niet echt richting Charleroi te moeten. Hij moet bij Charleroi rechtdoor richting Valenciennes. Dat is precies de route naar Parijs. De man woont in Valenciennes maar hij werkt door heel België als bedrijfsinspecteur. In een smsje geven we onze positie door aan het thuisfront bij onze studievereniging Van der Waals. We krijgen bericht terug dat we momenteel tweede liggen.
We laten ons op goed geluk afzetten bij de Franse grens. Bij het eerstvolgende tankstation kunnen we overnachten, maar er komt minder verkeer dan bij de grens. We hopen voor het donker een lift te kunnen krijgen, want overnachten is bij de grens geen optie. Het voordeel van de grens is dat alle verkeer langsrijdt met ongeveer 30 km/u. De man die ons heeft afgezet, heeft ons als tip gegeven dat nummerborden die op 75 eindigen uit Parijs komen. 91, 92 en 93 komen uit de buurt van Parijs. De meeste voorbijgangers komen uit de grensstreek, te oordelen aan de vele nummerborden die op 59 eindigen. Iedere keer als er een 75 voorbij rijdt, reageren we dan ook erg enthousiast. Na ongeveer een halfuur stopt een vrouw die alleen in de auto zit. We hebben weinig hoop, maar we mogen meerijden en ze gaat helemaal naar het centrum naar Parijs.
Alexandra is een Waalse die in Parijs woont. Ze is fysiotherapeut en ze gaat binnenkort verhuizen naar Lyon om daar een eigen praktijk te openen. Ze spreekt vrij goed Engels en het grootste deel van de reis hebben we een leuk gesprek. Alex heeft om 19.00 uur een afspraak met een vriend waarmee ze onderweg meerdere malen belt. Taco en ik doen ons best om het telfoongesprek te volgen, maar uiteindelijk blijken we er ongeveer de helft van begrepen te hebben. We leggen Alex uit waar we in Parijs moeten zijn. Voor haar ligt dat niet op de route omdat ze dan een groot stuk Périphérique extra moet rijden. Ze legt ons uit welke metrolijnen we moeten hebben om bij ons motel te komen. Helaas helpt het omzeilen van de Périphérique niet. Op de snelweg om Parijs heen is een ongeluk gebeurd waardoor we in de file komen. Wij zijn al lang blij dat we vooruit komen, maar Alex is een uur te laat voor haar afspraak. Alex zet ons af bij metrostation Odéon. We bedanken haar uitgebreid voor de gezellige lift en vervolgen onze reis.
Ondanks de file hebben we nog hoop als eerste bij het motel te zijn. De andere teams zullen ongetwijfeld ook in de file gestaan hebben en onze laatste lift heeft ons direct naar Parijs gebracht. Rond 21.00 uur komen we het metrostation Porte de Saint-Ouen uit. We vinden al snel de weg naar het motel waar we als derde team aankomen.
Taco en ik droppen onze spullen in het motel en gaan daarna wat eten bij de lokale friettent. De rest van de groep gaat een geschikte kroeg zoeken. Na het eten kunnen we de rest niet meer vinden, ondanks de aanwijzingen die we per sms krijgen. De rest van de groep heeft het al snel gezien want er zijn weinige leuke cafés in de buurt. Zodra ze terug zijn, gaan we met zes man Montmartre op. Een stukje voor de Place du Tertre vinden we een leuk café met acceptabele prijzen. Na twee drankjes lopen we door naar de Sacré-Coeur op de top van de Montmartre.
De Sacré-Coeur lijkt 's nachts nog beter verlicht dan wanneer de zon schijnt. We komen er al snel achter dat er een film opgenomen wordt en dat de enorme bouwlampen maar tijdelijk zijn. Op de trap naar de Sacré-Coeur worden dozen opgebouwd en we blijven in afwachting staan kijken. Bovenaan de trap wordt een schans neergezet. Na een tijd wachten, horen we een motor. De motorrijder neemt een aanloop, maar wordt op het laatste moment tegengehouden. De figuranten krijgen instructies en er wordt nog een rij dozen extra neergezet. Na heel lang wachten en nog twee schijnsprongen springt de motorrijder eindelijk over de schans heen. Het is maar goed dat er een extra rij dozen is neergezet, want hij belandt nog maar net in de dozen. Hij blijft na de sprong even liggen, maar staat tenslotte toch op. Uit het applaus van de figuranten maken we op dat we eindelijk weer geluid mogen maken en ook wij geven de stuntman een applaus. Het is inmiddels 2.00 uur dus we lopen terug naar het motel en gaan slapen.
's Ochtends gaat de wekker redelijk op tijd. De commissie heeft om 9.00 uur ontbijt geregeld. Daarna gaan we met de hele groep naar de tweede verdieping van de Eiffeltoren. Het programma daarna is vrij. Taco en ik gaan met Jean-Paul en Mark terug naar het motel om boodschappen te doen en te lunchen. Daarna benutten we onze dagkaart voor de metro goed. Bij het daglicht zien we Moulin Rouge en de Place du Tertre, vol met schilders. Na het eten zien we de Arc de Triomphe, de Arc de la Défense, de Champs des Élysées, het Louvre, de Notre Dame en nogmaals de Moulin Rouge.
We komen de rest van de groep weer tegen in de Irish Pub in Pigalle. Er is gezellige livemuziek, maar het bier is er erg duur. De meesten besluiten om niet te gaan stappen. Het bier is de clubs schijnt nog veel duurder te zijn en bovendien rijden de metro's niet de hele nacht door.
We vertrekken als een van de laatste teams uit het motel en lopen naar de oprit van de Périphérique. Helaas lukt het niet om een lift te krijgen. We kijken op de kaart en besluiten door te lopen naar de volgende oprit van de Périphérique. Die komt direct uit op de A1 dus er zal daar veel meer verkeer de goede kant op moeten.
De route naar de volgende oprit leidt over een enorme markt. We zien Afrikaanse houten beeldjes, kleding, horloges, mobiele telefoons, sieraden en nog veel meer. Het kruispunt bij de volgende oprit blijkt een enorme chaos te zijn. Er rijdt veel verkeer dat elkaar zo min mogelijk voorrang verleent. De chaos is helemaal compleet als er een kleine demonstratie voorbij komt. Een man of vijftig loopt over de volle breedte van drie rijbanen te protesteren tegen de huidige CAO. De demonstratie blijft midden op het kruispunt staan, waarna alle auto's beginnen te toeteren. Zelfs de bestuurders die geen last hebben van de demonstratie doen mee.
Na drie kwartier spreekt een Française ons aan. Ze heeft zelf ook wel eens gelift en volgens haar kunnen we beter een oprit verder gaan staan. Die sluit namelijk direct aan op de A1. We hadden het idee dat we daar al stonden, maar als we nog eens op de kaart kijken, blijkt er een oprit extra op te staan. Onderweg naar de volgende oprit eten we onze zelf belegde baguettes op. Het is inmiddels al lunchtijd dus we moeten snel een lift zien te krijgen.
Bij de oprit naar de A1 wordt flink doorgereden. Het lijkt ons geen goede plek om lifters op te pikken. Er schieten ons verschillende citaten binnen over de Périphérique, maar er zit er geen tussen die ons hoop geeft.
We lopen een stuk terug langs de uitvalsweg naar de A1. Voor het stoplicht ligt een mooi verdrijvingsvlak waar we misschien opgepikt kunnen worden. Voordat we oversteken naar het verdrijvingsvlak zien we ineens twee bekende gezichten. Mark en Jean-Paul lijken nog niet veel geluk gehad te hebben.
Ze weten ons te vertellen dat twee andere teams hier al eerder hun geluk beproefd hebben. Deze teams hebben uiteindelijk samen een taxi gepakt naar het eerstvolgende bezinestation langs de A1. Taco en ik besluiten niet zo snel op te geven. Ongeveer een uur lang wisselen onze teams elkaar af in een poging een lift te krijgen. Na een telefoontje blijkt dat de twee teams die ons voorgingen inmiddels een lift hebben gekregen bij het tankstation. Ook wij geven het op en nemen een taxi.
Bij het tankstation blijkt een van de vorige teams er nog te staan. Ze wachten op de bestuurder die nog even wat halen is in het winkeltje. Taco en ik gooien een muntje op met het Mark en Jean-Paul en winnen de toss. We overleggen met de bestuurder en uiteindelijk is hij bereid om vier personen mee te nemen. Hij rijdt helemaal door naar Utrecht en kan ons bij Breda afzetten. Samen met René en René stappen we in.
Galou komt oorspronkelijk uit Frankrijk maar hij woont al zeven jaar in Nederland. Hij is heftruckchauffeur en hij is in opleiding als electriciën. Hij spreekt niet zo goed Nederlands, maar nog altijd een stuk beter dan wij Frans. In België stoppen we bij een tankstation om wat te eten en een kop koffie te drinken. Een uurtje later maken we alweer een tweede stop om te tanken. Bij de pomp loopt een grote groep dames in matchende shirts. We hebben als snel door dat ze een vrijgezellenfeestje hebben.
Als Galou terukomt, staat de bruid zijn voorruit te wassen. We stoppen een klein vergoeding in de pot voor het drinken van vanavond en wensen de dames nog veel plezier. Galou wil graag weten wat er allemaal aan de hand is. We zeggen dat zijn voorruit gewassen is, maar hij ziet weinig verschil tussen voor en na. We zwaaien nog een keer naar de dames en rijden door naar Nederland.
Galou zet ons af bij de afrit Breda-Oost. We bedanken hem voor de zeer goede lift en gaan op pad naar station Breda. Al snel komen we een buslijn tegen waarlangs we verder richting het station lopen. De laatste paar haltes rijden we verder met de bus.
Vanaf station Breda gaan René en René direct door naar Eindhoven. Taco en ik pakken de trein naar Roosendaal waar we bij zijn ouders een geïmproviseerd diner naar binnen werken. Het smaakt ons goed en na nog een kopje thee reizen we verder naar Eindhoven. Onderweg komen we weer langs Breda waar we uiteraard een foto maken.
Op station Eindhoven zijn Taco en ik blij dat we het gehaald hebben. We lopen naar Stratumseind waar we met de andere lifters afgesproken hebben. Onder het genot van een betaalbaar biertje praten we na over onze liftavonturen. Daarna pakken we de bus naar huize Witte Gijt, ons veilige thuis.